Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

‘Ook bij anti-decubitus matras moet je elke 4 uur wisselligging geven’

Rhijja Jansen
Rhijja Jansen
Het is nog altijd een groot misverstand onder verzorgenden en verpleegkundigen dat je bij een anti-decubitusmatras geen wisselligging hoeft toe te passen. Dit merkt Henri Post, hoofd Behandelzaken en Verpleegkundig Specialist Wond Expertisecentrum van zorgorganisatie Evean.
Photographee.eu / stock.adobe.

Moet je nu wel of niet wisselligging toepassen als je cliënt op een anti-decubitusmatras (AD-matras) ligt?
‘Zeker weten! Het is dan nog steeds de bedoeling dat je je cliënt elke vier uur wisselligging geeft. Het blijft een hardnekkige fabel dat dit dan niet hoeft. Ook denken zorgverleners vaak dat een luchtwisselmatras het beste is dat je een cliënt kunt geven, omdat het zo lekker ligt…’

Dat is dus niet zo?

‘Heb je er wel eens op gelegen? En dan bedoel ik niet tien minuten, maar een hele nacht erop slapen? Dat ligt voor de meeste mensen niet heel comfortabel, want het is erg hard. Daarnaast maakt het opblazen ervan een behoorlijk geluid.’

Maar wat is dan wél het nut van een luchtwissel matras?

‘Een luchtwisselmatras kan enige verlichting geven, maar alleen bij een bepaalde patiëntengroep. Cliënten die baat bij kunnen hebben bij zo’n matras zijn mensen die continu doodstil in bed liggen, omdat ze bijvoorbeeld een dwarsleasie, MS, of zware dementie hebben. Ook een palliatief gesedeerde cliënt zou hieronder kunnen vallen. Daarnaast kan een een statisch AD-matras decubitus kunnen voorkomen. Dat is de lichtste categorie van AD-matrassen.’

Hoeveel categorieën van antidecubitusmatrassen zijn er eigenlijk?

‘Drie: een statisch systeem, dus bijvoorbeeld een traagschuimmatras, een reposematras, een rohomatras of een vicairmatras. Dit matras zorgt ervoor dat het lichaamsgewicht gelijkmatig verdeeld wordt over het matras. Dan heb je de een licht dynamisch antidecubitusmatras, waarbij je een luchtwisselmatras bovenop het basismatras legt. En tot slot heb je de sterk dynamische matrassen, hierbij wordt de matras van de cliënt helemaal vervangen door een luchtwisselmatras, met hoge luchtbanen die 10 tot 15 centimeter hoog zijn en afwisselend worden opgeblazen en leeggelaten.’

Binnenkort verschijnt een speciale editie van Tijdschrift voor Verzorgenden: de wondspecial. Vol tips en tricks om wonden te voorkomen en te behandelen. Klik hier voor een abonnement >> 


Is het matras in de zwaarste categorie, het meest geschikt voor cliënten met zware decubitus?

‘Nee, zo simpel is het niet. Mensen met hevige decubitus, hebben soms juist baat bij een statisch systeemmatras. In de meeste zorgorganisaties weet de wondconsulent of de ergotherapeut het beste welk matras geschikt is voor je cliënt.’

Waarom is een luchtwisselmatras geen vervanging van de wisselligging?

‘Omdat de banen van dit matras elke tien minuten wisselen van druk, en dat is te kort om decubitus tegen te gaan. De richtlijn zegt dat je elke vier uur wisselligging moet toepassen. Én ook hier moet je altijd de hielen vrijleggen.’

Wat is een contra-indicatie voor een luchtwisselmatras, oftewel: voor welke cliënten is dit níet geschikt?

‘Cliënten met botkanker of een hersentumor kunnen beter geen luchtwisselmatras krijgen. Botkanker doet ontzettend veel pijn. Als je bed dan steeds beweegt, heb je nog meer pijn. Als je een tumor in je rug hebt, kun je door een luchtwisselmatras zelfs een dwarsleasie ontwikkelen. Bij een tumor het hoofd hebben mensen vaak last van draaiduizelingen. Als je bed dan heen en weer gaat, word je zeeziek. En tot slot is het dus niet de bedoeling dat je een AD-matras inzet als je geen tijd hebt of denkt dat je daardoor geen wisselligging hoeft te geven. Een AD-matras is geen oplossing voor decubitus, veel andere dingen wél.’

Wat dan?

‘Elke vier uur wisselligging geven. Het helpt om hiervoor papieren aftekenlijsten bij het bed van de cliënt te hangen. Dat werkt in onze organisatie erg goed. Verder zorg je dat de hielen vrij liggen en heb je aandacht voor een goede voedingstoestand. Neem bijvoorbeeld een SNAQ-score af als je vermoed dat iemand ondervoed is, realiseer je dat bijvoedig BIJvoeding is, en geen vervanging van de maaltijd. En overleg altijd met een diëtist wat de beste aanpak is.’

Wat moet je nog meer in de gaten houden?

‘Weet dat bij iemand in de palliatieve fase de bloeddoorstroming anders wordt. Het lichaam wil de meest vitale onderdelen voorzien van bloed: het hart, de hersenen en de longen. De doorstroming in de periferie van het lichaam –dus de lichaamsdelen die uitsteken- is minder goed. Daardoor ontstaan hier de eerste problemen: de handen, voeten, knieën, hielen. Een deken kan hierop al te hard drukken waardoor er decubitus kan ontstaan. Ga dan werken met dekenbogen. Je kunt de hielen vrijleggen met een kussen, of gebruik hielbeschermers. Hierbij is het belangrijk dat ze goed passen, zodat ze niet afgaan. Maak ze niet strakker met klittenband, bandjes of veters, want de doorbloeding is al verminderd, en dan maak je dit nóg erger.’

Moet je een luchtwisselmatras ook evalueren?

‘Zeker! Dat wordt ook wel eens vergeten. Check minimaal elke zes weken of het matras nog wel passend is. Inspecteer het hele lichaam tijdens de zorg om te beoordelen of er alsnog drukplekken zijn ontstaan. Vraag je cliënt of het okay ligt, of dat hij juist slecht slaapt. We hebben soms de neiging om te beslissen wat het beste voor de cliënt is, maar de cliënt zelf is natuurlijk de expert, en leidend. Als het matras hem niet bevalt, ga je naar alternatieven zoeken. Een statisch AD matras zou de basis moeten zijn in alle huizen. Deze gaan bij intensief gebruik zeven à acht jaar mee, daarna moeten ze vervangen worden. Let hierbij wel op wat de specificaties zijn, met name hoeveel lichaamsgewicht het matras minimaal en maximaal geschikt is. Dit wisselt per leverancier.’

Blijf op de hoogte van nieuws over wisselliggingen en decubitus, met de gratis online nieuwsbrief van TVV voor verzorgenden >>